Workshop project Frysk-Friesisch in Papenburg (D)


Half maart kwamen docenten uit Fryslân en Oost-Friesland (D) bijeen om nieuwe plannen te maken voor het project Frysk - Friesisch (zie foto).

Binnen dit project van het NHL-lectoraat ICT en veranderende didactiek ontwikkelen leerlingen uit Fryslân en Oost-Friesland (D) lesmateriaal over de regio, waarin ze wonen. Leerlingen gaan onder meer op zoek naar een volksverhaal uit de regio. Ze presenteren de eigen regio door middel van foto’s, een korte begeleidende tekst en quizvragen op internet. Deze presentatie van de regio is cultureel-historisch van   karakter. Daarbij wordt gebruik gemaakt van multimedia. Het materiaal is opgesteld in de streektaal.

Leerlingen leren reflecteren op hun eigen morele opvattingen, maar leren ze vooral veel over hun eigen omgeving en over het volksverhaal. Ze verdiepen zich namelijk in de rijke vertelschat van een bepaalde regio en werken daarbij ook nog eens aan de

verbetering van hun taalvaardigheid.

 
Oud en nieuw komen samen

Het bekendste plaatsgebonden volksverhaal is misschien wel het Vrouwtje van Stavoren. In Overijssel en Gelderland schijnt men regelmatig te maken te hebben met Witte Wieven. Elke regio heeft plekken waar het nog spookt….

Vervolgens passen de leerlingen de tekst van het bestaande volksverhaal aan aan de eisen die aan webteksten gesteld worden, en spreken de tekst in. Dan volgen de interpretatie van de tekst, het schrijven van een moderne versie van het verhaal en een video-opname.

De leerlingen die het lesmateriaal maken, vergroten hun kennis van de regio en van moderne multimedia. De leerlingen die het materiaal gebruiken, werken aan de verbetering van de receptieve vaardigheden lezen en luisteren in de desbetreffende regionale taal. Het leereffect zal groter zijn dan bij traditionele lesmaterialen, omdat het leerproces ondersteund wordt door een leerzame en interessante inhoud, die door leerlingen zelf (of zijn leeftijdsgenoten) is opgezet. Er wordt gebruik gemaakt van authentiek materiaal. En verder… op welk patroon laat zich beter variëren dan op een volksverhaal?

Het verleden

Vanaf de herfst / winter van 2005 tot aan de zomer van 2006 vonden de projecten plaats met ongeveer twee schoolklassen per regio. Al naar gelang de behoefte werden leraren door stagiaires bij de lerarenopleidingen of door andere competente deelnemers aan het project ondersteund bij de multimediale verwerking van het lesmateriaal. Voor mensen die liever zelf aan de slag wilden, was er een handleiding beschikbaar.

Voor de zomervakantie 2006 vond een eerste presentatie plaats in Nieuweschans, waarbij de deelnemers hun werk konden laten zien. Een verslag hiervan is verkrijgbaar op cd-rom.

De toekomst

In het schooljaar 2006-2007 wordt het project verder uitgebreid. Er worden meer partners gezocht, er worden ondersteunende cursussen gegeven voor leerlingen en docenten, er wordt aan pr gedaan en gewerkt aan een website.

Het is de bedoeling om met het nieuwe lesmateriaal naast scholieren ook nieuwingekomenen en mensen met een cultuur-toeristische belangstelling te bereiken.

De deelnemers aan het project zullen een grensoverstijgend netwerk vormen ter versterking van de regionale identiteit en de streektaal.

Op dit moment is samenwerking overeengekomen tussen scholen en instellingen in Fryslân en Ostfriesland. Verder zijn er contacten gelegd met partners in de provincie Groningen en Noordfriesland. De coördinatie van het project ligt in de handen van de secties Fries en Duits aan de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden (NHL) en Lektoraat ict en veranderende didactiek aan de NHL in Leeuwarden.

Afsluiting

Heden, verleden en toekomst komen samen in het project FryskFriesisch. Het project hoeft zich geenszins te beperken tot de Friese regio’s. Ook andere taalgebieden worden van harte uitgenodigd om op termijn in het project te participeren en zichzelf te presenteren. Daartoe kunt u contact met ons opnemen. Het helpt de regionale cultuur en de streektaal als jongeren zich actief, eigentijds en betrokken hiermee bezighouden in het onderwijs.

 

Voor info: m.g.e.mitzschke@iec.nhl.nl of   gezellem@iec.nhl.nl